Europees allergie-onderzoek bij kinderen

Voedselallergie komt meer voor bij kinderen (vijf tot acht procent) dan bij volwassenen (één à twee procent). De laatste decennia stijgt het aantal gevallen van voedselallergie bij kinderen. Hoe dat komt is onduidelijk. Op 1 september start EuroPrevall, een vierjarig grootschalig Europees onderzoek naar het vóórkomen, de oorzaken en de kosten van voedselallergie bij kinderen. In totaal participeren 12.000 kinderen en hun ouders; in ons land hoopt men 1500 kinderen te kunnen onderzoeken. Het Nederlandse deel van het project wordt uitgevoerd door het AMC, het Flevoziekenhuis Almere en verloskundigen van de Zorggroep Almere.

Bij voedselallergie reageert het afweersysteem te sterk op bepaalde eiwitten (zogenaamde allergenen) in de voeding. Hierdoor kunnen klachten ontstaan als kortademigheid, eczeem, diarree en braken. Een bekend voorbeeld is koemelkallergie. Hoe vaak voedselallergie voorkomt, wat de oorzaken zijn en welke sociaal-economische gevolgen het heeft is niet bekend. Het EuroPrevall-project onderzoekt dit bij kinderen in de leeftijd van nul tot dertig maanden. In het project participeren acht Europese landen, waaronder Nederland. De deelnemers in ons land worden geworven in Almere.

Door het internationale karakter van het project hopen de onderzoekers niet alleen méér inzicht te krijgen in immunologische achtergronden van voedselallergieën, maar ook in de regionale verschillen in het vóórkomen ervan en de invloed van eetgewoonten. In de toekomst wil men deze kennis gebruiken om voedselallergie beter vast te stellen, te behandelen en te voorkomen.

Ouders van kinderen die deelnemen aan het EuroPrevall-project vullen gedurende het onderzoek vier maal een telefonische vragenlijst in. Na de geboorte neemt men wat navelstrengbloed af en bij een kleine groep ook een stukje van de placenta. Ontstaan er klachten die kunnen wijzen op voedselallergie, dan vindt in het Emma Kinderziekenhuis AMC uitgebreid onderzoek plaats – waaronder een voedselprovocatietest, een huidpriktest en bloedonderzoek. Voor elk kind met klachten zal men twee kinderen zonder klachten als controle oproepen. Zij worden lichamelijk onderzocht in het Flevoziekenhuis, waarbij ook bloedafname plaatsvindt. De voedselprovocatie- en huidpriktests blijven bij hen echter achterwege.

Het AMC maakt deel uit van de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU). De NFU is een samenwerkingsverband van de acht universitair medische centra (UMC’s) in Nederland en heeft als algemene doelstelling het behartigen van de gezamenlijke belangen van de UMC’s.

Andere UMC’s die deel uitmaken van de NFU zijn het azM, Erasmus MC, LUMC, UMCG, UMC St Radboud, het UMC Utrecht en VU medisch centrum. In totaal zijn 60.000 medewerkers verbonden aan de acht UMC’s.

Bron: Universitair Medisch Centrum

Dit bericht is geplaatst in Nieuws. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>